La Pauvre Fauvrette (arm klein vogeltje)

Schrijfworkshop Het schilderij als spiegel (door Natascha van ’t Hooft) in het Drents Museum. Na een schilderij gekozen te hebben als inspiratiebron, volgden vier schrijfopdrachten, met elk hun eigen perspectief.

Het schilderij:
La Pauvre Fauvrette (1882, Arm klein vogeltje) van Jules Bastien-Lepage (1884 – 1884)

Kruip in de huid van de schilder

Het arme ding laat me niet los. Ik wilde niet gaan schilderen, ik wilde wandelen, maar dat vogeltje greep me aan. Ik kon niets anders dan mijn ezel en mijn verf pakken. Haar triestheid overspoelde me en laat me nog steeds niet los. Zal ik straks teruggaan om haar nog een keer te schilderen?
Misschien dat ik dan de gedachten aan mijn eigen kinderen los kan laten. Het voelde heerlijk om haar triestheid mijn eigen triestheid te laten vervangen. Zij raakt me slechts tijdelijk, mijn eigen bloedjes zitten altijd in me en laten me nooit los. Ik wil die tijdelijkheid graag terug.
Ik wil me niet verliezen in mijn eigen triestheid. Als ik haar zoek en niet vind, dan zak ik verder weg. Ik mag haar niet zoeken, want dan vind ik haar niet. Misschien moet ik nu de andere kant op lopen en zoeken naar vrolijkheid en drank.
Gisteren wilde ik me daar juist los van maken, zodat ik weer kon voelen. Nu ik voel dat haar triestheid mijn triestheid aanmoedigt en versterkt, heb ik spijt dat ik haar toegelaten heb in mijn gemoed. Het totaal werd gisteren ook niet meer dan een zuipfestijn, waarin ik mezelf kon verliezen. Waarom laat ik dat steeds gebeuren?
Dit vogeltje hoort vrij te zijn en niet aan een spijker te hangen. Ik denk dat ik er een lucifer bij houdt, dan kan ze wegvliegen.

Stap in het schilderij

Ik zie Bertha grazen, ze heeft nog wel wat gras gevonden. De boom is al kaal. Afgelopen zomer konden we daar nog beschutting onder vinden. Nu is er niets dat ons beschermt, de wind en regen hebben vrij spel. Marieke is helemaal in haar cape gewikkeld. Ze probeert nog wat warmte vast te houden. Ze lijkt zo triest, zoals ze daar staat. Misschien moeten we zo even tikkertje gaan doen, Bertha loopt heus niet weg. We mogen wel even spelen, papa ziet er toch niets van. Die is zo ver weg dat ik me daarover geen zorgen hoef te maken. Zorgen hebben we genoeg om papa zelf, nadat hij vorige week zijn been gebroken heeft.
Ik kijk om en zie Stieneke verderop roepen dat mama het eten klaar heeft. Raar, ik hoor haar niet, maar weet precies wat ze zegt.

Je hebt gedroomd over het schilderij

Heftig wakker worden is dat, met haar trieste gezicht in mijn hoofd. Ze heeft indruk gemaakt, maar ik heb nog steeds haar verhaal niet verteld. Mijn droom zegt me dat ik dat moet doen om haar los te kunnen laten.

Jij bent het schilderij

Het is weekend, dat is duidelijk. De stroom mensen die voorbij komt is voller. Meer mensen dan op een gewone maandag. Ik word er nauwelijks blij van, wat maken die mensen mij uit. Ik zou hier sowieso niet moeten zijn.
Ik ben zo Frans en hang hier tussen allemaal Schotten. Hebben ze niet door dat ik hier verdwaald lijk? Ik vraag me toch af wat de mensen denken als ze ineens mijn Franse naam zien. Zou het tot ze doordringen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.